HATSJOE…

 

De Kattenniesziekte

 

De hele dag door is jouw kat aan het niezen, daarnaast heeft het dier last van neusuitvloeiing en overmatige traanoogjes of ooguitvloeiing. Jouw kat gedraagt zich niet helemaal als de oude en is duidelijk niet in zijn hum. Maar wat er nu precies aan de hand is, dat is de vraag. Is het een simpele verkoudheid of is er meer aan de hand? De kans bestaat dat jouw kat last heeft van de kattenniesziekte…

 

De kattenniesziekte

 

De kattenniesziekte?

Wanneer een kat last heeft van de kattenniesziekte, heeft het dier een ontsteking aan de voorste luchtwegen. De symptomen van de ziekte zijn afhankelijk van de veroorzaker; er zijn namelijk meerdere schadelijke micro-organismen welke de aandoening kunnen veroorzaken…

Een kat kan last krijgen van de aandoening wanneer het dier besmet is met het herpesvirus of het calici virus; chlamydia of de bordetella bronchiseptica bacterie kunnen daarnaast de symptomen verergeren. Het is mogelijk dat een kat drager is van een van deze verwekkers, terwijl het dier geen ziekteverschijnselen vertoont. Wanneer het immuunsysteem van de kat niet meer optimaal werkt (door bijvoorbeeld ziekte of stress), kan de ziekte echter alsnog optreden.

 

Hoe kan een kat de ziekte krijgen?

Katten kunnen op verschillende manieren besmet raken met een van de veroorzakers. Dit kan bijvoorbeeld gebeuren als zij in contact komen met een kat die de kattenniesziekte heeft of die drager is. Daarnaast kunnen het herpes en het calici virus een week lang buiten het lichaam van een kat overleven; komt een kat in een ruimte waar een van deze virussen aanwezig is, dan kan het dier besmet raken. Ook middels contact met speeksel, ontlasting of andere lichaamsweefsels van een zieke kat of van een drager kan een kat de kattenniesziekte oplopen.

 

Welke dieren zijn gevoelig?

De kattenniesziekte is een aandoening welke vooral voorkomt op plaatsen waar veel katten bij elkaar zitten, hierbij kun je denken aan een asiel of pension. Dit betekent echter niet dat een huiskat er geen last van kan krijgen; met name kittens of senior katten zijn gevoeliger om het virus op te lopen, bij deze dieren werkt het immuunsysteem vaak (nog) niet optimaal.

Hoewel het sterk aangeraden wordt om een kat te vaccineren tegen de ziekte, en vaccinatie vaak verplicht is als je jouw kat naar een pension wilt brengen, zijn er eigenaren die ervoor kiezen om hun kat niet te laten vaccineren. Deze katten behoren dan tot de risicogroep omdat zij een grotere kans hebben om een van de bacteriën of virussen op te lopen en er vervolgens ernstig ziek van kunnen worden.
Vaccineer je jouw kat tegen de kattenniesziekte? Dan verklein je de kans aanzienlijk; mocht jouw kat toch de kattenniesziekte krijgen, dan is het ziekteverloop vaak een stuk milder omdat de kat al antilichamen heeft aangemaakt tegen het virus of de bacterie.

 

Symptomen

De veroorzaker van de kattenniesziekte bepaalt welke symptomen een kat laat zien; een typisch symptoom voor het calici virus zijn bijvoorbeeld zweertjes in de bek en soms ook op de neus. Daarnaast spelen ook de leeftijd en het immuunsysteem een rol bij de symptomen. In sommige gevallen blijft de aandoening beperkt tot overmatig niezen, neusuitvloeiing en ooguitvloeiing. Ook kan het slijmvlies van een kat ontstoken raken.
Andere symptomen voor de aandoening zijn: sloom en lusteloosheid, een verminderde eetlust of koorts. In zeer ernstige gevallen is de ziekte levensbedreigend!

 

 

Diagnose

Een dierenarts zal aan de hand van benoemde en zichtbare symptomen vaststellen of een kat last heeft van de kattenniesziekte. Daarnaast kan een dierenarts een monster nemen van het slijmvlies in de bek. Dit monster wordt in een laboratorium onderzocht, hierbij kijkt men of een van de ziekteverwekkers aanwezig is.

 

Behandeling

Er bestaat geen specifieke medicatie tegen de kattenniesziekte. Wel kan een dierenarts de symptomen bestrijden. Zo kan een kat antibiotica krijgen om andere bacteriële infecties te voorkomen en het dier kan medicatie krijgen dat de neusuitvloeiing minder taai maakt. Soms is het nodig om een kat bij te voeren of zelfs dwangvoeding te geven. In ernstige gevallen moet een kat een nacht bij de dierenarts blijven, waar het dier vocht toegediend krijgt via een infuus en daarnaast kan het dier door middel van een sonde, voeding toegediend krijgen.
Verder is het belangrijk om de neus- en ooguitvloeiing met gekookt, en vervolgens volledig afgekoeld, water te verwijderen en laat een kat rusten in een warme en rustige omgeving.

Een kat die genezen is van de kattenniesziekte blijft vaak drager. Deze kat kan andere katten vervolgens besmetten. Ook kan de drager weer ziekteverschijnselen vertonen wanneer zijn immuunsysteem verminderd is (door bijvoorbeeld stress of een andere aandoening).

 

Vaccineren?

Het vaccineren van een kat tegen de kattenniesziekte geeft geen garantie dat het dier de ziekte nooit zal krijgen. Wel zijn de symptomen en het ziekteverloop aanzienlijk milder bij een gevaccineerde kat dan bij een niet gevaccineerde kat.
De eerste vaccinatie tegen de kattenniesziekte vindt plaats wanneer een kitten circa negen weken oud is. Circa vier weken later moet een kitten een herhaalvaccinatie krijgen. Om een kat zo optimaal mogelijk tegen de aandoening te beschermen, is een jaarlijkse enting aan te raden.

 

Breng je jouw kat voor een tijdje naar een dierenpension? Controleer dan welke vaccinaties verplicht zijn, een vaccinatie tegen de kattenniesziekte is bij veel dierenpension verplicht.

 

 

Heb je tips of vragen of wil je graag meer informatie over een specifiek onderwerp? Laat het ons dan weten in een berichtje onder dit artikel of stuur een mail naar: redactie@johnsonpetfoods.nl


0 reacties

Een reactie versturen

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.